Zitting bij de Kinderrechter

Kinderrechters zijn specifiek opgeleid om om te gaan met minderjarige verdachten. De nadruk ligt op de pedagogische benadering, waarbij het doel is om de minderjarige verdachte aan te spreken op zijn gedrag en een passende straf op te leggen om herhaling te voorkomen.

Wanneer zitting kinderrechter
Het materiële jeugdstrafrecht is in beginsel van toepassing wanneer de verdachte de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt. In sommige gevallen kan echter vanaf 16 jaar al het volwassenenstrafrecht worden toepast en voor jongvolwassenen tot 21 jaar kan soms toch het jeugdstrafrecht van toepassing worden verklaard. Bepalend is steeds de leeftijd van de verdachte op het moment dat het feit werd gepleegd.

De regels van de zitting bij de kinderrechter zijn echter alleen van toepassing op verdachten tot 18 jaar. De kinderrechter mag ook feiten behandelen die vanaf het 18de levensjaar door de verdachte zijn gepleegd, wanneer deze feiten samen worden behandeld met feiten die eerder zijn gepleegd. 

Achter gesloten deuren

De zitting bij de kinderrechter vindt plaats achter gesloten deuren. Publiek is dus niet toegestaan. Ook pers mag tijdens de zitting niet aanwezig zijn. Aan het slachtoffer of de nabestaanden van het slachtoffer wordt toegang verleend, tenzij de kinderrechter wegens bijzondere redenen anders beslist.

Wel is het zo dat de kinderrechter toch kan bepalen dat de strafzaak in het openbaar moet worden behandeld indien naar zijn oordeel het belang van de openbaarheid van de zitting zwaarder moet wegen dan het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de verdachte, diens medeverdachte, ouders of voogd.

Verplichte aanwezigheid verdachte en ouders

Zolang de verdachte nog geen 18 jaar is, is hij verplicht om op zitting bij de kinderrechter te verschijnen. Ook de beide ouders zijn verplicht om op zitting bij de kinderrechter te verschijnen

Verloop van een zitting bij de kinderrechter

Binnenkomst
Bij aankomst in de rechtbank meldt u zich bij de bode. U geeft uw naam door en vermeldt het tijdstip van de zitting. Het is verstandig om altijd een kopie van de dagvaarding mee te nemen. De bode zal u vervolgens informeren over de zittingszaal waar de zaak wordt behandeld. U neemt plaats in de wachtruimte bij de zittingszaal. Wanneer uw zaak aan de beurt is, zal de bode u begeleiden naar de zittingszaal. Daar neemt u plaats aan de tafel die voor de kinderrechter is gereserveerd.

Opening van het onderzoek ter terechtzitting
De kinderrechter opent het onderzoek en vraagt naar uw naam, geboortedatum, geboorteplaats en uw huidige adres. Dit dient ter controle of u de persoon bent die op de dagvaarding staat vermeld, en om te verifiëren of uw adresgegevens nog correct zijn. Na deze controle legt de kinderrechter uit dat u als verdachte niet verplicht bent om te antwoorden op vragen die belastend voor u zouden kunnen zijn. U hebt dus het recht om te zwijgen.

Tenlastelegging
De kinderrechter geeft daarna het woord aan de officier van justitie, die de tenlastelegging zal voorleiden. Dit is een beknopte samenvatting van de feiten waar u van wordt verdacht.

Onderzoek door de politierechter
De kinderrechter zal zich vervolgens tot u richten om de feiten te bespreken. Hij zal u vragen wat er precies is gebeurd. Het kan zijn dat u gevraagd wordt om kort uw verhaal te doen, of dat de kinderrechter specifieke vragen stelt. De kinderrechter heeft het dossier vooraf gelezen en is dus bekend met alle verklaringen. Soms worden belangrijke elementen uit de verklaringen met u besproken. Daarna vraagt de kinderrechter of de officier van justitie of uw advocaat nog vragen heeft over de feiten. Mocht u iets vergeten zijn te zeggen, kan de advocaat u helpen door u verder te ondervragen. De kinderrechter zal daarna vragen stellen over uw persoonlijke situatie, bijvoorbeeld:

  • Wat doet u voor werk?

  • Wat is uw maandelijks inkomen?

  • Kunt u daarvan goed rondkomen?

  • Heeft u hulp nodig bij bepaalde zaken in het leven?

De kinderrechter stelt deze vragen om een beeld van uw situatie te krijgen en eventueel een maatwerkstraf op te leggen. Zo kunt u bijvoorbeeld in termijnen betalen als u de boete niet in één keer kunt voldoen.

Gesprek met ouders en Raad voor de Kinderbescherming
Daarna zal de kinderrechter ook de ouders vragen hoe het thuis gaat met de minderjarige. De medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming, die altijd bij de zittingen van de kinderrechter aanwezig is, zal vertellen hoe het met de minderjarige gaat en wat hij of zij adviseert qua straf. Meestal heeft de Raad vooraf een rapport opgesteld dat naar de kinderrechter is gestuurd.

Vordering benadeelde partij
Als er een benadeelde partij is, zal de kinderrechter de vordering behandelen. De benadeelde partij heeft vaak een voegingsformulier ingediend, dat tijdens de zitting besproken wordt. U wordt gevraagd of u bereid bent de schade te vergoeden. Het is raadzaam om aan te geven dat u bereid bent de schade te vergoeden voor zover de rechter dat redelijk vindt. Uw advocaat kan tijdens zijn pleidooi verweer voeren tegen de schadevergoeding of tegen de hoogte daarvan. De benadeelde partij krijgt ook de gelegenheid om iets te zeggen over de gevolgen van het feit.

Requisitoir
De officier van justitie krijgt daarna het woord om zijn conclusie te trekken, het zogenaamde requisitoir. Hierin geeft hij aan welke feiten volgens hem bewezen kunnen worden en welke niet, en welke bewijzen hij daarvoor aanvoert. Aan het einde van het requisitoir vraagt de officier om een straf.

Pleidooi
Direct daarna krijgt de advocaat het woord voor zijn pleidooi. Hierin reageert de advocaat op het requisitoir van de officier van justitie en voert verweer tegen de beschuldigingen. Hij zal uitleggen waarom u niet veroordeeld zou moeten worden of waarom de straf lager zou moeten zijn.

Repliek en dupliek
De officier van justitie krijgt vervolgens de gelegenheid om te reageren op het pleidooi van de advocaat (repliek), waarna de advocaat weer kan reageren (dupliek). Dit onderdeel is niet verplicht, en het kan zijn dat de officier geen nadere reactie nodig acht.

Het laatste woord
Aan het eind van de zitting krijgt u het laatste woord. U mag dan nog iets toevoegen of reageren op wat de officier van justitie heeft gezegd. U kunt ook het laatste woord gebruiken om excuses aan te bieden, mocht u het feit hebben bekend. Het is echter niet verplicht om iets te zeggen.

Sluiting van het onderzoek ter terechtzitting en uitspraak
Na het laatste woord sluit de kinderrechter het onderzoek en doet hij direct uitspraak. Meestal gebeurt dit mondeling. U wordt geïnformeerd over uw recht om binnen 14 dagen in hoger beroep te gaan. U kunt ook besluiten afstand te doen van dit recht, waarna de uitspraak onherroepelijk is, tenzij de officier van justitie ook afstand doet van het recht om in hoger beroep te gaan.

De kinderrechter mag de volgende straffen opleggen:

  • Jeugddetentie tot maximaal 24 maanden (en bij verdachten < 16 jaar: 12 maanden);

  • PIJ-maatregel;

  • Gedragsbeïnvloedende maatregel;

  • Werkstraf tot maximaal 200 uren;

  • Geldboete;

  • Verbeurdverklaring van in beslag genomen goederen;

  • Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen goederen.

Duur van de zitting bij de politierechter
De gemiddelde duur van een zitting bij de politierechter is ongeveer 30 minuten. Doordat de zittingen strak gepland zijn, kan het echter voorkomen dat u langer moet wachten voordat uw zaak aan de beurt is.

Terugbelverzoek

Strafrecht advocaat nodig? Vul het onderstaand formulier in, dan bellen wij u zo spoedig mogelijk terug.