Zitting bij de Politierechter

De politierechter behandelt doorgaans de minder ernstige en wat simpelere misdrijven. Hierbij kan je denken aan: eenvoudige mishandeling, hinderlijk gedrag, eenvoudige diefstallen of verkeersdelicten. Wanneer de feiten te ingewikkeld zijn of de gevolgen ernstiger zijn, worden de zaken door de politierechter doorverwezen naar de meervoudige kamer van de rechtbank.

Verloop van een zitting bij de politierechter

Binnenkomst
Bij aankomst in de rechtbank meldt u zich bij de bode. Geef uw naam door en noem het tijdstip van de zitting. De bode vertelt u in welke zaal de zaak wordt behandeld. Wanneer het uw beurt is, zal de bode u naar de zittingszaal begeleiden en de zaak aankondigen door uw naam te noemen, zodat geïnteresseerden in de zaal kunnen plaatsnemen. Eenmaal in de zaal neemt u plaats aan de tafel die de bode aanwijst voor de politierechter. De zitting is in beginsel altijd openbaar, tenzij het een minderjarige betreft.

Opening van het onderzoek ter terechtzitting
De politierechter opent het onderzoek door u te vragen naar uw naam, geboortedatum en -plaats, en uw huidige adres. Dit gebeurt om te controleren of u inderdaad de persoon bent die op de dagvaarding staat en om te bevestigen of uw adresgegevens nog kloppen. Vervolgens legt de politierechter uit dat u als verdachte niet verplicht bent om te antwoorden op vragen die belastend voor u zouden kunnen zijn. U heeft het recht om te zwijgen.

Tenlastelegging
Daarna geeft de politierechter het woord aan de officier van justitie. Deze zal de tenlastelegging voorleiden, waarin duidelijk wordt aangegeven van welke feiten u wordt verdacht. Het betreft een samenvatting van de feiten die in de aanklacht staan.

Onderzoek door de politierechter
De politierechter zal zich vervolgens weer tot u richten en vragen wat er precies is gebeurd. Soms vraagt de rechter u om kort uw versie van de gebeurtenissen te geven, maar het kan ook zijn dat hij specifieke vragen stelt. De rechter heeft het dossier vooraf gelezen en is op de hoogte van alle verklaringen. Soms bespreekt de politierechter tijdens de zitting belangrijke elementen uit de verklaringen. Daarna vraagt de politierechter of de officier van justitie of uw advocaat nog vragen heeft over de feiten. Mocht u iets belangrijks vergeten zijn te vertellen, kan de advocaat u daar mogelijk op wijzen. Vervolgens stelt de politierechter vragen over uw persoonlijke situatie, zoals:

  • Wat doet u voor werk?

  • Wat is uw maandinkomen?

  • Kunt u daarvan goed rondkomen?

  • Heeft u hulp nodig voor bepaalde zaken in het leven?

De politierechter wil hiermee een goed beeld krijgen van uw situatie om, indien nodig, een passende straf te bepalen, bijvoorbeeld in termijnen betalen als u de boete niet in één keer kunt voldoen.

Vordering benadeelde partij
Indien er een benadeelde partij is, wordt diens vordering behandeld. Meestal heeft de benadeelde partij een formulier ingediend, dat tijdens de zitting wordt besproken. U wordt gevraagd of u bereid bent de schade te vergoeden. Uw advocaat zal de vordering later bespreken in zijn pleidooi en verweer voeren tegen de schadeposten of de verschuldigdheid van een schadevergoeding in het algemeen. De benadeelde partij heeft ook spreekrecht en kan aangeven wat de zaak voor hem/haar heeft betekend.

Requisitoir
De officier van justitie krijgt daarna het woord voor het requisitoir, waarin hij zijn standpunt geeft over welke feiten bewezen kunnen worden verklaard en welke niet, en welke bewijzen hij hiervoor aanvoert. Aan het einde van het requisitoir eist de officier een straf.

Pleidooi
Daarna krijgt uw advocaat het woord voor zijn pleidooi. Hij reageert op het requisitoir van de officier van justitie en voert verweer tegen de beschuldigingen. De advocaat zal uitleggen waarom u niet veroordeeld zou moeten worden of waarom de straf lager zou moeten uitvallen.

Repliek en dupliek
Na het pleidooi heeft de officier van justitie de kans om te reageren op het verweer van de advocaat (repliek). De advocaat kan vervolgens weer reageren op de repliek (dupliek). Dit is echter geen verplicht onderdeel en het kan zijn dat de officier geen reactie geeft.

Het laatste woord
Aan het einde van de zitting krijgt u het laatste woord. Dit is een kans om iets te zeggen dat nog niet aan bod is gekomen of om te reageren op wat de officier van justitie heeft gezegd. Het laatste woord is niet verplicht, dus u hoeft niets te zeggen als u dat niet wilt.

Sluiting van het onderzoek ter terechtzitting en uitspraak
Nadat het onderzoek is afgesloten, zal de politierechter direct uitspraak doen. Meestal gebeurt dit mondeling. De politierechter wijst u erop dat u het recht heeft om binnen 14 dagen in hoger beroep te gaan. U kunt echter ook besluiten afstand te doen van dit recht, waarna de uitspraak meteen onherroepelijk is, tenzij ook de officier van justitie afstand doet van het recht op hoger beroep.

De politierechter mag de volgende straffen opleggen:

  • Gevangenisstraf tot maximaal 1 jaar;

  • Werkstraf tot maximaal 240 uren;

  • Geldboete;

  • Ontzegging van de rijbevoegdheid;

  • Verbeurdverklaring van in beslag genomen goederen;

  • Onttrekking aan het verkeer van in beslag genomen goederen.

Duur van de zitting bij de politierechter
De gemiddelde duur van een zitting bij de politierechter is ongeveer 30 minuten. Doordat de zittingen strak gepland zijn, kan het echter voorkomen dat u langer moet wachten voordat uw zaak aan de beurt is.

Hoger beroep
Als u het niet eens bent met de uitspraak van de politierechter, kunt u binnen 14 dagen na de uitspraak hoger beroep instellen.

Terugbelverzoek

Strafrecht advocaat nodig? Vul het onderstaand formulier in, dan bellen wij u zo spoedig mogelijk terug.